Kennis delen. Samen verder.
AI-agents, AI-veiligheid en de noodzaak van governance
Deze week zag ik opnieuw de nodige berichten over nieuwe AI-modellen en releases. Interessant, maar daar bleef ik deze keer niet bij hangen. Wat mij wél bezighoudt, zijn de berichten over wat er gebeurt wanneer AI niet alleen antwoord geeft, maar zelfstandig gaat handelen.
OpenAI beschreef deze week voorbeelden waarbij modellen tijdens veiligheidstests onverwacht gedrag vertoonden. Anthropic rapporteerde over incidenten waarbij AI-modellen tijdens onderzoek ongeautoriseerde toegang kregen tot echte systemen.
En dan wordt het ineens een heel ander verhaal. Want een fout antwoord van AI is vervelend. Een AI-agent die zelfstandig actie onderneemt op basis van een verkeerde interpretatie kan echte schade veroorzaken.
Dat werd deze week ook pijnlijk zichtbaar bij een zaak rond gezichtsherkenning. Een vrouw werd volgens haar aanklacht ten onrechte gekoppeld aan een bankdiefstal, gearresteerd en zat maanden vast. De zaak moet juridisch nog worden vastgesteld.
Voor mij verschuift daarmee de belangrijkste AI-vraag.
Niet meer alleen: Wat kan AI?
Maar vooral: Wat gebeurt er als AI iets doet wat wij niet hadden voorzien?
Hoe meer autonomie we AI geven, hoe belangrijker governance wordt. Denk aan autorisaties, logging, monitoring, menselijke controle, data lineage en vooral het duidelijk vastleggen van wie waarvoor verantwoordelijk is.
Dat klinkt misschien minder spannend dan de zoveelste AI-release.
Maar juist daar zit volgens mij de echte ontwikkeling. AI mag krachtiger worden. Daar ben ik zeker niet op tegen.
Maar als organisaties AI steeds meer ruimte geven om zelfstandig te handelen, moeten ze minstens zo snel leren hoe ze die autonomie kunnen begrenzen, controleren en reconstrueren.
Want de vraag is inmiddels niet meer óf AI fouten kan maken.
De vraag is:
Kunnen wij achteraf nog uitleggen wat er gebeurde toen het misging?
Voor mij is dát de echte AI-wake-up call van deze week.

