Kennis delen. Samen verder.
Ik kwam onlangs het document Sectorbeeld – De Staat van het Middelbaar beroepsonderwijs 2026 van de Inspectie van het Onderwijs tegen. Vooral de aanbevelingen trokken mijn aandacht, omdat een aantal ervan ook al in 2025 werd benoemd.
Twee punten sprongen er voor mij uit.
Onderwijsresultaten: niet alles is in een model te vangen
De inspectie adviseert instellingen en opleidingen om onderwijsresultaten te analyseren, oorzaken van achterblijvende resultaten in kaart te brengen en gerichte maatregelen te nemen.
Dat klinkt logisch. Maar als oud-docent en als ouder van kinderen die het mbo hebben gevolgd, weet ik dat er ontzettend veel factoren van invloed zijn op onderwijsresultaten. Sommige kun je beïnvloeden, andere niet.
Niet iedere oorzaak laat zich eenvoudig meten of in een model vangen om betrouwbare prognoses te maken voor toekomstige studenten. Juist daarom zou ik graag zien dat aanbevelingen concreter worden gemaakt. Een SMART-definitie kan helpen om duidelijk te maken wat precies wordt verwacht en wanneer een maatregel als succesvol geldt.
Digitale weerbaarheid: waarom wachten tot het misgaat?
Een tweede aanbeveling gaat over digitale weerbaarheid. Instellingen moeten dit onderdeel opnemen in hun veiligheidsbeleid. Daarbij gaat het niet alleen om het signaleren van risico’s, maar ook om respons, herstel en samenwerking met andere besturen.
Daar heb ik een vraag bij. Ik associeer weerbaarheid juist met het vermogen om risico’s zo veel mogelijk vóór te zijn. Signaleren, reageren en herstellen zijn belangrijk, maar waar is de preventieve kant?
Ik mis bijvoorbeeld expliciete aandacht voor proactieve monitoring, fysieke beveiliging en het zorgvuldig omgaan met gevoelige informatie. Niet alles hoeft of mag worden geautomatiseerd. Ook het anonimiseren van gegevens verdient aandacht, zeker wanneer gegevens lang worden bewaard.
Van aanbeveling naar concrete preventie
Mijn punt is niet dat de aanbevelingen verkeerd zijn. Ik vraag me vooral af of ze voldoende concreet zijn en of preventie genoeg aandacht krijgt.
Digitale weerbaarheid vraagt meer dan een plan voor het moment waarop het misgaat. Het vraagt om bewuste keuzes vooraf: welke gegevens beschermen we, wie heeft toegang, welke risico’s accepteren we en hoe voorkomen we dat gevoelige informatie onnodig wordt blootgesteld?
In het mbo, waar veel studenten en medewerkers dagelijks met digitale systemen werken, hoort dat wat mij betreft nadrukkelijk bij goed bestuur.
We moeten niet alleen weten hoe we herstellen na een incident. We moeten vooral blijven nadenken over hoe we het kunnen voorkomen.
Bron: Sectorbeeld – De Staat van het Middelbaar beroepsonderwijs 2026, Inspectie van het Onderwijs

